Uitgangspunten van MDFT

Probleemgedrag is meestal multidimensioneel bepaald.
Met andere woorden, een deel van de oorzaak ligt bij de jongere zelf, maar ook de omgeving doet ertoe.
Anders gesteld: de factoren die eraan bijdragen dat het gedrag ontstaat en in stand blijft zijn gelegen in de jongere zelf, maar ook in diens omgeving.

Werken langs meerdere lijnen

Voor duurzame verbetering van het gedrag en van de situatie van de jongere werkt de therapeut langs verschillende lijnen.
MDFT besteedt aandacht aan de belangrijkste gebieden (domeinen) in het leven van de jongere: de jongere zelf, de ouders en het gezin, en in de wereld buiten het gezin: vrienden, school, werk en vrijetijdsbesteding. 
Het kan ook zijn dat politie en justitie deel zijn van het leven van de jongere. MDFT speelt daarop in en werkt bijvoorbeeld nauw samen met de jeugdreclassering en de (gezins)voogd.
Mogelijk is de jongere is opgenomen in een instelling of inrichting. Dan is die omgeving ook een domein om mee rekening te houden. MDFT zoekt in die gevallen samenwerking met de (andere) medewerkers van de instelling.

Nog meer kenmerken van MDFT
In MDFT let de therapeut op alle domeinen en in het bijzonder op de kernfactoren in die domeinen die het probleemgedrag (kunnen) beïnvloeden in gunstige of ongunstige zin.
De therapeut beseft dat zijn of haar rol bepaalt of het behandelprogramma succes heeft.
Belangrijke vuistregels zijn:
• Veel jongeren en ouders zijn aan het begin niet of nauwelijks gemotiveerd om te veranderen. MDFT vergroot die motivatie door het benadrukken van stress en wanhoop en door het creëren van positieve verwachtingen
• Gewerkt wordt met het principe van meervoudige partijdigheid (therapeutische alliantie met de jongere; idem met de ouders, het gezin; idem met systemen buiten het gezin)
• Inzet is het gelijktijdig bereiken van verbetering op verschillende fronten (= in de diverse domeinen)
• Daarbij worden de sterke punten en competenties van de gezinsleden benadrukt
• De therapeut werkt in kleine stappen
• Kleine successen worden met de gezinsleden gevierd
• Bijna altijd moet de communicatie in het gezin worden verbeterd. De therapeut bevordert serieuze en betrokken discussies tussen jongere en ouders (methode: enactment)
• Gezocht wordt naar haalbare oplossingen voor de huidige problemen, die dan worden uitgewerkt
• De therapeut ziet crises en mislukkingen als kansen voor interventies
• De uit te voeren interventies worden zorgvuldig gepland en bewaakt. Tegelijk is de therapeut flexibel, met oog voor wat acuut gedaan moet worden (first things first)
• Interventies worden op maat gesneden (deze jongere, dit gezin, deze omstandigheden)